The Fellowship without a Ring

The dark hedges

And what might seem to be a series of unfortunate events, may in fact be the first steps of a new journey

Hier sta ik dan, in dit woeste niemandsland. Het gras bedekt de kille rotsachtige ondergrond als een warme deken vol geborgenheid. De grijze lucht en de woeste zee vormen een venijnig contrast met het fluorescerende groen van de uitgestrekte weiden. Een meeuw krijst boven de ruisende golven uit, alsof hij het geluid ervan kan verstommen. De wind raast over het Ierse land terwijl de regen mijn tranen wegspoelt. De melancholie van dit afwisselend lieflijke en woeste landschap is in perfecte harmonie met mijn gemoedstoestand: mistroostig, bulderend, met in de verte een streepje licht aan de horizon.

Ik heb namelijk liefdesverdriet. Een paar dagen geleden werd mijn relatie verbroken. Ik had het niet zien aankomen en ik was er kapot van. Verteerd door gevoelens van onmacht, verdriet en ijdele hoop vertrok ik voor een reeds geplande trip naar ‘het eiland in de regen’. In de hoop dat deze reis me goed zou doen en me zou wegleiden van mijn verdriet stapte ik in het vliegtuig. De huizen, de dorpen, de bomen en de velden werden steeds kleiner. Was dat ook maar zo voor mijn verdriet. Ik wil het van me afschudden, ik wil het verdriet achterlaten in Nederland, daar ergens tussen die piepkleine huisjes en autootjes, zodat het steeds verder aan mijn zicht wordt onttrokken, totdat het er niet meer is. Het vliegtuig breekt door de wolken en de wereld is even weg. Wat voor me ligt zijn de groene weiden van Ierland, de grillige rotsen en de woeste zee.

Torr Road

In Dublin halen we de huurauto op en we laten het stadsgedruis voor wat het is. Al gauw rijden we de groene outback in. Het regent, maar dat vind ik niet erg. Bij Ierland hoort regen. We rijden langs heksenkringen, verlaten kerkhoven, keltische kruizen en pittoreske vissersdorpjes. De regen maakt plaats voor enkele voorzichtige zonnestralen die hun licht werpen op de glooiende groene deken van wuivend gras. Tussen de mistflarden die het verder grillige landschap langzaam bedekken zijn de contouren van een spookachtig kasteel te ontwaren. Het laat mijn ziel niet onberoerd. Ierland presenteert zich in al haar mysterie en schoonheid. Het is niet moeilijk om te bedenken dat hier de sprookjes vandaan komen.

Wanneer de avond valt komen we aan in Belfast, Noord-Ierland. Noord-Ierland is, in tegenstelling tot Ierland, onderdeel van het Verenigd Koninkrijk en is dus feitelijk gezien een ander land. Van een grens tussen de twee landen is echter niets te merken. Hooguit geven de rode telefooncellen, de dubbeldekkers en de bobby’s in Belfast een wat meer Engelse aanblik, net als het feit dat je je Guinness in ponden af moet rekenen. Een goede pint Guinness helpt bij de verwerking van mijn nog immer aanwezige verdriet. De lauwe, milkshake-achtige substantie die tegelijkertijd bitter en zoet is verwarmt mijn ziel en laat mijn gedachten afglijden in mijmeringen over het mooie Ierland.

Dunluce Castle

Na een goede nacht slaap en een stevig Iers ontbijt brengen we in de vroege ochtend een bezoek aan the Titanic Docks & Pumphouse. We lopen door het immense dry-dock, dat goed illustreert hoe immens groot het beroemde schip was dat hier werd gebouwd, maar dat nooit terug mocht keren. Ik probeer niet te denken aan de verfilming waarin het liefdesverhaal wordt uitvergroot, dat trek ik nu even niet. We gaan snel verder met onze roadtrip en nemen vanuit Belfast de Antrim Coast Road richting Derry. Deze kustroute loopt over hoge kliffen en slingert door de 9 valleien van de county Antrim. De route wisselt prachtige vergezichten af met schilderachtige dorpjes en verlaten kronkelwegen door dichte bossen. De route staat niet altijd duidelijk aangegeven en het komt meer dan 1 keer voor dat we prachtig verkeerd rijden. Zo komen we bovenop een landtong opeens uit bij een verlaten vuurtoren, die eenzaam schittert in het zonlicht, zonder dienst te doen aan de schepen. Verderop kijken enkele koeien ons verbaasd aan wanneer we een verkeerde afslag nemen op Torr Road, en uit komen bij een verlaten openluchtkerkje met nog enkele graven, die door de tijd zijn overwoekerd met mos, de namen van de overledenen uitgesleten door de regen. Ik vraag me af of zij nog herinnerd worden door iemand.

Ierland

We vervolgen onze weg naar The Dark Hedges. Deze prachtige mystieke bomen lijken de verlaten landweg te omhelzen met een duistere vastberadenheid. Ik word gevangen door de symboliek die de natuur hier lijkt uit te beelden. Mistroostig, sereen en gelijktijdig vriendelijk en omarmend. In de schemering daalt de mist neer en worden de groene velden gehuld in een mysterieuze nevel. Het wordt kouder en natter. Tijd voor Irish Stew, een flinke pint Guinness en een slaapplek in een kneuterige Bed and Breakfast.

Bij het eerste ochtendgloren voert de kustweg ons weer verder naar Carrick-a-Rede rope bridge, alwaar we een stevige wandeling maken door de frisse wind, gevolgd door de oversteek over de befaamde en gevreesde brug. Deze hangbrug van touw verbindt het vasteland met een eilandje en biedt een ijzingwekkende aanblik naar de woeste golven die dertig meter lager onder luid geraas stukbreken op de rotsen. Na deze uitdaging komen we uit bij the Giants Causeway, een bizarre formatie van 40.000 achthoekige basaltzuilen die een enorm stapstenenpad vormen dat verwijnt in de zee.  Volgens de legende heeft een Ierse reus een pad door de zee naar Schotland gebouwd om met een Schotse reus te vechten. Door het denderende rennen van de reuzen over het pad is het in zee gestort en is alleen het begin en het einde van het pad blijven bestaan. We voelen ons een beetje als het reisgezelschap uit The Lord of The Rings, dwalend door de velden, over kronkelige wegen, langs reuzenpaden en omhelzende bomen als we ’s avonds koud en nat aankomen in een herberg in Dublin. The Fellowship of the Ring, maar dan zonder ring. We zijn nu immers een vrijgezellen-reisclubje.

The dark hedges
The dark hedges

Vrijgezel, mijn nieuwe verworvenheid. Met een zweem van sarcasme druipt deze gedachte bij me binnen aan de bar van een bekend café in Dublin. Een -uiteraard-  vrolijke Ier probeert me op te beuren door voor me te zingen en me de dansvloer op te trekken. Hoe kun je dit jolige, klappende en met hun voeten op de tafel stampende volk nu weerstaan. Zelfs de treurigste ziel wordt opgefleurd door dit bonte gezelschap. De overdreven vrolijkheid van de Ieren lijkt een compensatie te zijn voor de mist en de melancholie van het landschap. Ik laat me meesleuren in de uitbundigheid van de Ieren. Het verdriet is enigszins opgetrokken in de Ierse nevel en heeft ruimte gemaakt voor een nieuw besef. Soms moet je met liefde terug kijken op wat was, dankbaar zijn voor wat er is en uitkijken naar de toekomst. Een toekomst vol mooie reizen met vrienden. The Fellowship without a Ring is geboren.

 

Een reactie achterlaten

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.