Bangkok: tempels, streetfood en heel veel gekte

Chinatown Bangkok

Bangkok… Ik moest er even aan wennen. Mijn eerste indruk was niet direct goed. Ik vond het er stinken, er heerste een vervelende chaos van krioelende Aziaten, er waren teveel Hollanders en andere Europeanen en er was niet echt een duidelijk centrum. Het is een soort aan elkaar gebouwde en doorlopende chaos waar een rivier doorheen loopt. Ik kreeg er geen lucht. Ik wilde in een hoekje gaan zitten en het straatbeeld op me in laten werken, wat andere geuren ontdekken en het ritme vinden in de wanorde. Maar dat lukte niet. Ik werd steeds omver gelopen door kuddes Aziaten die zonder een duidelijk aanwijsbare reden aan het snelwandelen waren waarbij het ogenschijnlijk de bedoeling was om zoveel mogelijk voorbijgangers om te kegelen. Ik vond geen rust. En daar moest ik even doorheen bijten. Ik moest écht even wennen. Wennen aan de chaos en wennen aan het wel en wee van Azië. En uiteindelijk lukte dat. Bangkok werd leuk.

Contrasten

Tja, die geur… het is een mengelmoes van uitlaatgassen, bedrukkende hitte, riool, zeer onwelriekende gedroogde vis en stinkende fruitsoorten (doerian!). Maar ook de geur van kruidig eten, geroosterde noten, wierook en zoetigheid. Bangkok is een stad van contrasten. Bangkok is chaos en rust tegelijkertijd. Gekte en heiligdom door elkaar heen. Neonverlichting, scheurende taxi’s, tuktuks die overal doorheen zoeven, ladyboys, hippies, wolkenkrabbers, krotten en miljoenen mensen die allemaal door elkaar heen krioelen. Daar tussenin vind je serene tempels, monniken die zich niets aantrekken van alle hectiek, voorbijgangers die een kaarsje branden, een rustig stromende rivier waar wat bootjes op dobberen en strak gestylde bonsai-tuintjes. We scheurden rond in een tuktuk, aten schorpioen op een stokje, we bezochten het koninklijk paleis en wat tempels, Nikki maakte vrienden met half Chinatown, we maakten een boottocht door de kanalen van Thonburi en deden ons meerdere malen per dag te goed aan al het eten dat op straat te krijgen is. Geen idee wat het allemaal was, maar het smaakte verrekte goed. Bangkok was leuk.

Schorpioen eten
Schorpioen eten
In de tuktuk in Bangkok
Nikki in de tuktuk

Khao San Road

In het centrum van Bangkok vind je Khao San Road, de place to be voor de vele backpackers die er rondlopen. Khao San Road biedt vertier in de meest uiteenlopende vormen. Je vindt er goedkope hostelletjes, veel restaurantjes, bars en winkeltjes. Werkelijk alles is er te koop. Armbandjes, levende dieren, seks met een transseksueel, kleding, geslachtsoperaties, gefrituurde insecten, op de foto met een monnik, kunstbenen, fruit. Je kunt het zo gek niet bedenken. Wij hielden het bij een hapje van een schorpioen op een stokje.

Streetfood in Bangkok
Veel eettentjes in Chinatown
Streetfood Bangkok
Streetfood

Chinatown

Wij logeerden in Chinatown, ik denk wel het levendigste gedeelte van Bangkok. De hele dag door is er markt. Het is er een drukte van jewelste. Mensen krioelen door elkaar heen, marktkooplui roepen onverstaanbare aanbiedingen in het rond, de tuktuks vliegen je om de oren en schreeuwerige neonreclames proberen je binnen te lokken. In de avond staan er honderden eetkraampjes. Als je lekker en authentiek wilt eten, moet je hier zijn. Verwacht geen romantische restaurantjes met kaarslicht, maar plastic tafeltjes in de goten van de straat met piepkleine krukjes en plakkerige menuborden met foto’s van de gerechten waar uit je kunt kiezen. Het lijkt pauperig, maar het is ontzettend lekker en vers. Pad Thai, curry’s, pittige soepjes en spiesjes met ondefinieerbare onderdelen eraan… allemaal lekker! Het eten wordt op straat bereid op open vuur of gas en de borden worden ter plekke in grote tonnen afgewassen. Wij aten alleen maar bij dergelijke tentjes en niemand van ons heeft last gehad van een ‘Bangkok belly’. Als de locals er ook eten, dan is het meestal goed!

Chinatown Bangkok
Chinatown

Met de longtail-boot over de kanalen van Thonburi

Vanaf de Tha Chang Pier kun je een longtail-boottochtje maken door de kanalen van Thonburi. Dit laat een hele andere kant van Bangkok zien. De bruisende metropool verdwijnt naar de achtergrond zodra het bootje de rivier verlaat en maakt plaats voor teakhouten huisjes die op palen in het water zijn gebouwd. In Thonburi tref je een wirwar van kanalen aan die je langs houten waterhuisjes en diverse kleinere tempels voeren. Vrouwen doen de was, kinderen springen in het water, mannen vissen. Een mooi inkijkje in het dagelijks leven. In kleine roeibootjes varen kooplui over het water om eten en drinken te verkopen. Vanuit de longtail-boot kun je zo wat kipspiesjes of andere lekkernijen kopen, vers van de grill op de roeiboot. Aanrader!

Wat Pho
Wat Pho
Grand Palace
Grand Palace

Tempels en het Grand Palace

Cultuur en religie, mijn favoriete onderdelen op reis. Bangkok telt honderden tempels. De grootste is Wat Pho, de tempel van de liggende Buddha. Dit is met 80.000 m2 de grootste en oudste Wat in Bangkok. De liggende Buddha is volledig bedekt met bladgoud en parelmoer en is 46 meter lang. Een indrukwekkende vertoning!

Ook een bezoek aan het Grand Palace mag ook niet ontbreken. Dit voormalige koninklijk paleis spreidt zich uit over een enorm complex waar je ook een aantal tempels vindt. Alle gebouwen zijn prachtig vormgegeven, zeer gedetailleerd en rijkelijk versierd. We keken onze ogen uit.

Wat Arun oftewel de tempel van de Dageraad vind je aan de rivierkant. Deze Wat is versierd met duizenden bloemenmozaïeken van gebroken Chinees porselein. Erg mooi, met name het zicht op Wat Arun vanaf de rivier is adembenemend.

Grand Palace
Grand Palace
Grand Palace
Grand Palace

 

 

 

 

 

 

Uiteraard kun je nog veel meer tempels bezoeken in Bangkok, maar wij hadden het hierna wel gezien, vooral omdat Ayutthaya ook nog op het programma stond.

Wat vond jij van Bangkok? Vond je de stad meteen te gek of moest je ook even wennen?

3 Reacties

Een reactie achterlaten

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.